Paragrafen

Paragraaf Grondbeleid

Inleiding    
Grondbeleid bevindt zich op het snijvlak tussen omgevingsbeleid en financiën. Grondbeleid is daarbij geen doel op zich maar een essentieel middel om mede-uitvoering te geven aan gemeentelijke beleidsdoelen op het gebied van wonen, werken, duurzaamheid, energietransitie, klimaatadaptatie, welzijn, infrastructuur, recreatie, cultuur, milieu en natuur/landschapsontwikkeling. Het beleid moet passen binnen de financiële mogelijkheden en doelstellingen van de gemeente. Met grondbeleid wordt bepaald of en hoe instrumenten, zoals bijvoorbeeld onteigening of kostenverhaal, worden ingezet om de gestelde doelen te realiseren.
Naast de ontwikkelingen en de visie op grondbeleid zoomt de paragraaf grondbeleid in op de uitgangspunten en kaders waarbinnen het grondbeleid wordt uitgevoerd.
De gemeente Teylingen heeft als standpunt geen zuiver actief grondbeleid uit te oefenen. Echter ook niet per definitie een passief grondbeleid. Er is gekozen voor situationeel grondbeleid. Situationeel grondbeleid is flexibel grondbeleid. Dat houdt in dat het college  per opgave of locatie kan afwegen welke vorm van grondbeleid (meer of minder actief) dient te worden ingezet om het maatschappelijke doel te bereiken .

Ontwikkelingen
De gemeente heeft een groot aantal ambities vervat in de Structuurvisie Teylingen 2030 die wordt opgevolgd door de nog vast te stellen Omgevingsvisie. De (beschreven) ambities geven richting aan het omgevingsbeleid dat de komende jaren gevoerd moet worden, en zijn/worden verder uitgewerkt in diverse uitvoeringsprogramma's. In de nabije toekomst zijn er in Teylingen (en de regio) majeure opgaven op het gebied van woningbouw, energietransitie, klimaatadaptatie, economie en mobiliteit. Grondbeleid is in financieel-economische zin dienstbaar aan het realiseren van doelstellingen op deze terreinen. De uitvoering van het grondbeleid, via de inzet van instrumenten van grondbeleid, wordt daar mede door bepaald.

Visie op grondbeleid  
Teylingen voert een situationeel grondbeleid. De ruimtelijke opgaven vragen om een grondbeleid met mogelijkheden om sturing te geven en de regie te nemen door bijvoorbeeld zelf actief gronden te verwerven. Bij de te volgen strategie staan per project de maatschappelijke doelen en ruimtelijke ambities centraal. Dat betekent dat de keuze voor een meer actieve rol of een faciliterende benadering, per project of locatie is af te wegen.
Daar waar door de gemeente gewenste ontwikkelingen niet door de markt worden opgepakt, ligt een actievere overheidsopstelling meer voor de hand en komt de regie bij de gemeente te liggen. In een dergelijk geval wordt een grondexploitatie gevoerd.

UITGANGSPUNTEN EN KADERS (de belangrijkste)  

  • Besluit Begroting Verantwoording / Renteomslag
  • Vennootschapsbelasting
  • Notitie Grondbeleid
  • Nota grondbeleid
  • Financiële positie in relatie tot reserves en voorzieningen
  • Grondbeleid en risico’s

Besluit Begroting Verantwoording / Renteomslag  
Vanwege fiscale regelgeving en het BBV zijn de complexen Bloementuin, Nieuw Boekhorst en Langeveld ingebracht in de categorie "Bouwgrond in exploitatie" (Bie).

Vennootschapsbelasting (VPB)  
Sinds 1 januari 2016 geldt voor gemeenten de VPB-plicht, indien handelingen beschouwd worden als ondernemersactiviteit. De winst die wordt gemaakt met het uitvoeren van (actief) grondbeleid (bouwgrond in exploitatie) is in beginsel belastbaar voor VPB. Jaarlijks dient herbeoordeling plaats te vinden. De projecten vallend onder 'Bouwgrond in exploitatie' worden sinds 2017 in de VPB-aangifte betrokken. Tot op heden is er geen sprake van verschuldigde vennootschapsbelasting.

Nota grondbeleid

Het beleidsuitgangspunt van de nota is dat het volledige arsenaal van grondbeleidsinstrumenten wordt ingezet. Bij voorkeur wordt gebruik gemaakt van privaatrechtelijke instrumenten, indien nodig kunnen ook de publiekrechtelijke instrumenten word en ingezet (voorkeursrecht, onteigening, kostenverhaal via omgevingsplan). Grondaankopen worden aangegaan onder het voorbehoud van toestemming door college en raad en worden via de reguliere weg op grond van het budgetrecht ter besluitvorming voorgelegd aan de gemeenteraad. De raad heeft de beleidsuitgangspunten en kaders  bij het behandelen van de nota Grondbeleid vastgesteld. In deze nota wordt onder meer aandacht besteed aan de in de verordening artikel 212 Gemeentewet (GW) opgenomen onderdelen genoemd in artikel 23, lid 2:

  • de strategische visie van het toekomstig grondbeleid van de gemeente;
  • de wijze van autorisatie van grondexploitatiebudgetten en de jaarlijkse actualisatie daarvan;
  • uitgangspunten voor de looptijd en grootte van de grondexploitatie in verhouding tot het bestemmingsplan;
  • gedragsregels over de vervaardigingskosten van niet in exploitatie genomen gronden en de hoogte van de in acht ter nemen marktwaarde;
  • een uitwerking van de afweging tussen voorzichtigheid en realisatiebeginsel met betrekking tot het tussentijds winstnemen.

In 2022 is de nieuwe nota Grondbeleid door de Raad vastgesteld.

Financiële positie in relatie tot reserves en voorzieningen  
De eventuele baten, maar vooral de financiële risico’s van het grondbeleid, zijn van belang voor de financiële positie van de gemeente. Bij een geprognosticeerd negatief resultaat van het grondexploitatiegebied wordt dit verwerkt in een verliesvoorziening.

Grondbeleid en risico’s  
Ruimtelijke projecten zoals grondexploitaties en infrastructurele werken zijn altijd omgeven met risico’s. Risico’s van operationele aard, strategische risico’s maar zeker ook systeemrisico’s, zoals economische ontwikkelingen, die door de gemeente niet of nauwelijks te beïnvloeden zijn. Jaarlijks worden de ramingen van de nog te realiseren inkomsten en uitgaven van deze projecten geactualiseerd om een solide basis voor de projectbegrotingen te verkrijgen. Maar projecten verlopen soms anders dan op voorhand wordt verondersteld.
Risico’s die optreden, kunnen het financiële beeld ten opzichte van die basis aanmerkelijk beïnvloeden. Daarom worden regelmatig risicoanalyses uitgevoerd om risico's te identificeren, te beoordelen en beheersmaatregelen te treffen.

  • De risico’s die zich voordoen binnen de grondexploitaties worden, indien mogelijk, binnen het exploitatieresultaat opgevangen. Dit gaat ten koste van het geprognosticeerd resultaat, waardoor er minder winst overblijft. Dit heeft gevolgen voor de toekomstige mutaties van de algemene reserve, maar heeft geen gevolgen voor het actuele weerstandsvermogen..
  • Risico's die niet binnen het exploitatieresultaat van grondexploitaties kunnen worden opgevangen, worden meegenomen in de bepaling van het actuele weerstandsvermogen.  

Categorieën projecten Grondbeleid  
In het BBV wordt onderscheid gemaakt in verschillende soorten gronden. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen gronden die in bezit zijn van de gemeente en gronden die in bezit zijn van derden. Ook is van belang of de gronden een vaste of te veranderen bestemming hebben en met welk doel deze gronden zijn verworven. In lijn met het BBV wordt in Teylingen onderscheid gemaakt in de volgende soorten gronden en projecten:

  • Bouwgrond in exploitatie (BIE)
  • Faciliterende projecten
  • Warme gronden (niet van toepassing bij Teylingen)
  • Materiële Vaste Activa (MVA)

Bouwgrond in exploitatie (BIE)  
Definitie: gronden welke in eigendom van de gemeente zijn en waarvoor door de gemeenteraad een grondexploitatiecomplex met een grondexploitatiebegroting is vastgesteld.

Het startpunt van bouwgrond in exploitatie (BIE) is het raadsbesluit met de vaststelling van het grondexploitatiecomplex, inclusief grondexploitatiebegroting. Vanaf dat moment wordt de BIE geopend en kunnen kosten worden geactiveerd en bijgeschreven op de voorraadpositie bij onderhanden werk (bouwgronden in exploitatie) op de balans.
Om de risico’s die samenhangen met zeer lang lopende projecten te beperken, is het uitgangspunt dat de looptijd van een grondexploitatie in beginsel maximaal tien jaar bedraagt.

Afspraken met de raad over de wijze waarop met afwijkingen ten opzichte van de jaarschijf wordt omgegaan, zijn vastgelegd in de financiële verordening. Hierin is vastgelegd of afwijkingen ten opzichte van de jaarschijf direct moeten worden gemeld bij de raad, of alleen indien en voor zover deze afwijkingen niet passen binnen het totale vastgestelde grondexploitatiecomplex. In dit laatste geval wordt de afwijking meegenomen in de jaarlijkse actualisatie van het grondexploitatiecomplex en daaropvolgende begrotingswijziging. De afspraken kunnen ook een bepaalde bandbreedte behelzen, waarbinnen afwijkingen niet direct hoeven te worden gemeld aan de raad.

Relevante onderwerpen

  • Onderbouwing tussentijdse winstneming   

Het voorzichtigheidsbeginsel leidt ertoe dat realisatie van winst moet worden uitgesteld tot daarover voldoende zekerheid bestaat. Dit betekent echter niet dat winst pas moet worden genomen bij het afsluiten van het grondexploitatiecomplex. Volgens het realisatiebeginsel dient in de situatie dat er voldoende zekerheid is over de winst, de winst te worden genomen. Hierbij dient de percentage of completion-methode (POC) te worden gevolgd. Indien aan de volgende voorwaarden is voldaan, bestaat er voldoende zekerheid om winst te kunnen nemen:
1.    het resultaat op de grondexploitatie kan betrouwbaar worden ingeschat; én
2.    de grond (of het deelperceel) moet zijn verkocht; én
3.    de kosten zijn gerealiseerd (winst wordt naar rato van de realisatie genomen).

  • Vastgestelde en gehanteerde parameters

In de grondexploitatie wordt rekening gehouden met een jaarlijkse kostenstijging. Voor de actuele grondexploitaties betreft dat een percentage van 3%  voor 2024 tot en van 2% voor 2025  e.v. Met een jaarlijkse opbrengstenstijging wordt alleen rekening gehouden bij de nieuwe grex Langeveld (2% vanaf 2024). De rentetoerekening aan de grondexploitatie is door de commissie BBV gemaximeerd tot het gewogen gemiddelde van het werkelijke rentepercentage van de externe financieringen. In de paragraaf financiering (begroting 2023) is het gewogen gemiddelde rentepercentage van de externe financiering opgenomen, te weten 0,36 %. Dit rentepercentage wordt toegerekend aan de bouwgronden in exploitatie.
Tegelijkertijd is de te hanteren discontovoet door de commissie BBV voor alle gemeenten vastgesteld op 2%. Met de discontovoet wordt de eindwaarde (eindresultaat) van de kasstroom teruggerekend naar de actuele netto contante waarde. De vaste discontovoet is vastgesteld met het doel de grondexploitaties van alle gemeenten onderling beter te kunnen vergelijken.

  • Risico’s   

Binnen de projecten welke worden uitgevoerd onder het Grondbeleid, kan sprake zijn van verschillende onzekerheden en risico’s die het behalen van het begrote financiële eindresultaat van de grondexploitatie bemoeilijken. Hierbij moet onderscheid worden gemaakt tussen enerzijds risico’s met betrekking tot de kosten en opbrengsten die specifiek binnen een grondexploitatie-complex kunnen worden onderkend en anderzijds risico’s die voor de grondexploitatieportefeuille als geheel gelden.

Risico’s project specifiek:
Deze zijn van belang bij de tussentijdse winstneming.

Risico’s portefeuille:
De risico’s voor de portefeuille als geheel gaan in zijn algemeenheid over de verwachtingen ten aanzien van markt- en conjunctuurinvloeden, waardoor prijzen en afzetmogelijkheden over de gehele linie kunnen veranderen ten opzichte van de planning. Hiertoe worden doorgaans scenarioberekeningen gemaakt, met daarbij bandbreedtes voor minimum en maximum invloed op de geprognosticeerde resultaten van de grondexploitatieportefeuille.

De projecten
De projecten die vallen onder bouwgrond in exploitatie In 2026 zijn dit Nieuw Boekhorst en Langeveld.

Nieuw Boekhorst

De Visie Nieuw Boekhorst is medio 2022 door de gemeenteraad van Teylingen vastgesteld. Het gebied ligt aan de noordwestkant van Voorhout en beoogt ruimte te maken voor woningen, maatschappelijke voorzieningen en bijbehorende openbare ruimte. De gemeente is een van de eigenaren van de locatie.
Om het project uit te voeren, zijn met verschillende marktpartijen afspraken gemaakt in de Anterieure Overeenkomst Nieuw Boekhorst (AOK). Deze overeenkomst is eind 2023 getekend. Parallel hieraan is ook een Samenwerkingsovereenkomst (SOK) getekend tussen de gemeente en woningcorporatie Stek. De financiële vertaling van de afspraken voor de gemeente krijgt een plek in de gemeentelijke grondexploitatie.

Risico's

Zekerheden
Bij dit project zijn verschillende partijen betrokken. De gemeente wil zekerheden  voor bijdragen aan plankosten, bovenwijkse voorzieningen, planschade en aanleg openbaar gebied. Een van de partijen, Pensioenfonds BPL, geeft nooit een garantie of zekerheid. Dit doet Pensioenfonds BPL bij geen enkele overeenkomst en dus ook niet bij Nieuw Boekhorst. Het risico hiervan bedraagt ongeveer € 0,25 miljoen.

Saneringskosten
Op een van de gemeentelijke kavels is bodemverontreiniging aanwezig. Dit was bekend bij aankoop van de kavels. Er zijn ook onderzoeken uitgevoerd naar de aard van de bodemverontreiniging. Tegelijkertijd bestaan dit soort onderzoeken uit dossieronderzoek en een aantal gerichte steekproeven in de grond. Daarmee blijft altijd een beperkte onzekerheid ontstaan: de precieze aard van de verontreiniging blijkt pas als de werkzaamheden uitgevoerd worden.

Plankosten
Het Projectbureau is de primaire uitvoerende partij en de gemeente heeft een toetsende rol. Er zijn echter allerlei omstandigheden die kunnen zorgen voor een grotere gemeentelijke bemoeienis en dus zijn hogere plankosten niet aan de voorkant uit te sluiten. Specifiek is de verwachting dat er meerkosten zijn voor beroepsschriften op het bestemmingsplan. Deze kosten komen ook deels ten laste van de andere ontwikkelende partijen. Hierover moeten onderlinge afspraken gemaakt worden.

Grondopbrengst vrije kavels

In de opbrengsten is rekening gehouden met een speciaal woningbouwprogramma op vrije kavels tegen een marktconforme prijs voor vrije kavels. Het is denkbaar dat de gemeente voor dit speciale woning-bouwprogramma in zee gaat met partijen die meer nadruk leggen op maatschappelijke waarden en daardoor minder voor de grond willen of kunnen betalen.

Stikstof en andere veranderende wet- en regelgeving
Het stikstofdossier houdt Nederland al jaren bezig en een recente uitspraak van de Raad van State maakte een einde aan het intern salderen zonder vergunning. In Nieuw Boekhorst wordt gebruik gemaakt van intern salderen. Het risico dat ontstaat is dat er extra inzet nodig is om te voldoen aan de stikstofregels. Dit betekent mogelijk extra plankosten en risico op vertraging. 

Bouw en woonrijp maken projectbureau
Het projectbureau heeft een budget voor het bouw- en woonrijp maken. Uit de uitwerking van de eerste deelgebieden ontstaat het idee dat dit budget aan de magere kant is. In de eerste deelgebieden is dit tot nu toe binnen budgetten opgelost, maar er bestaat een kans dat de beoogde werkzaamheden niet binnen budget vallen. Als dit leidt tot een overschrijding van 10% op het budget bouw- en woonrijp maken, dan betekent dit voor de gemeente een financieel risico van circa € 500.000,--.

Grondexploitatie (actief)

Boekwaarde verloop gedurende het boekjaar

Bedrag

1-1-2024

3.906.002

N

kosten

13.975

N

opbrengsten

-86.936

V

31-12-2024

3.833.042

N

Verwacht verloop boekwaarde

Bedrag

1-1-2025

3.833.042

N

nog te realiseren kosten

6.769.550

N

nog te realiseren opbrengsten

-12.364.941

V

eindwaarde saldo 31-12-2031

-1.762.349

V

Facilitair

Boekwaarde verloop gedurende het boekjaar

Bedrag

1-1-2024

2.262.343

N

kosten

472.611

N

opbrengsten

0

V

31-12-2024

2.734.954

N

Verwacht verloop boekwaarde

Bedrag

1-1-2025

2.734.954

N

nog te realiseren kosten

1.975.469

N

nog te realiseren opbrengsten

-5.093.991

V

eindwaarde saldo 31-12-2031

-383.568

V

eindwaarde saldo 31-12-2031 GREX

-1.762.349

eindwaarde saldo 31-12-2031 Facilitair

-383.568

-2.145.917

 

Langeveld

De locatie Langeveld in Sassenheim is al in 1995 aangekocht door de gemeente met het oog op toekomstige woningbouwontwikkeling. In de raad van 2 februari 2023 is bij amendement besloten dat de volledige locatie Langeveld wordt benut voor woningbouw, zonder uitbreiding van STV. Daarbij is maatwerk toegepast op het woningbouwprogramma, met een mix van 31% sociaal, 56% betaalbaar en 13% vrij bouwprogramma.

Inmiddels is de ontwikkeling van Langeveld een stap verder gebracht, in nauwe samenwerking met woningcorporatie Stek. Ook is het project aangemerkt als één van de projecten die deel uitmaakt van de pilot ‘parallel plannen’ van het ministerie van BZK, met als doel om woningbouw te versnellen. Door stedenbouwkundig bureau Van Wilsum van Loon is een (schets)ontwerp gemaakt voor de locatie. Op basis van actuele inzichten wordt nu uitgegaan van een programma van ruim 150 woningen, waarvan een groot deel door Stek wordt ontwikkeld. Parallel aan het stedenbouwkundig schetsontwerp zijn ook de verwachte kosten en opbrengsten voor de gemeente in kaart gebracht.

Risico's

De herontwikkeling van Langeveld bevindt zich in een relatief vroeg stadium. Omdat de stedenbouwkundige uitwerking op dit moment pas het niveau van schetsontwerp heeft, kan de bandbreedte van de geschatte kosten en opbrengsten nog sterk fluctueren. Anderzijds zijn er nog relatief veel mogelijkheden om bij te sturen op het moment dat risico’s zich voordoen. De risico’s zijn ook niet louter negatief; het is mogelijk dat bij nadere uitwerking van de plannen zich kansen voordoen die het financiële resultaat in positieve zin beïnvloeden.

Voor de civieltechnische risico’s (voorbelasting, sanering en verleggen van kabels en leidingen) zijn reserveringen opgenomen in de kostenraming voor bouw- en woonrijp maken. Daarnaast zijn posten opgenomen voor nader te detailleren kosten en onvoorziene kosten. Wanneer bij nadere uitwerking van de plannen ook de verwachtingen omtrent kosten en opbrengsten worden aangescherpt, kunnen de risico’s bij volgende actualisaties van de grondexploitatie Langeveld niet alleen kwalitatief, maar ook financieel inzichtelijk worden gemaakt.

Grondexploitatie

Boekwaarde verloop gedurende het boekjaar

Bedrag

27-6-2024

2.041.849

N

correctie boekwaarde

-92.902

V

kosten

260.618

N

opbrengsten

0

V

31-12-2024

2.209.565

N

Verwacht verloop boekwaarde

Bedrag

1-1-2025

2.209.565

N

nog te realiseren kosten

6.088.289

N

nog te realiseren opbrengsten

-7.689.143

V

eindwaarde saldo 31-12-2028

608.712

N


N = nadelig saldo; meer kosten dan opbrengsten
V = voordelig saldo; meer opbrengsten dan kosten

Faciliterend Grondbeleid
Definitie: Bij faciliterend grondbeleid heeft de gemeente zelf geen grond in haar bezit en voert ze niet zelf de grondexploitatie, maar private ontwikkelaar. De kosten die de gemeente maakt worden in dat geval verhaald op de private partijen. Er is dus geen sprake van bouwgrond in exploitatie of een voorraad grond in bezit van de gemeente, maar van een vordering op een derde partij. Feitelijk schiet de gemeente kosten voor, die op basis van een overeenkomst worden teruggevorderd bij een derde partij, dan wel op basis van het exploitatieplan mogelijk in de toekomst kunnen worden teruggevorderd van een derde partij.
Voor activiteiten welke uiteindelijk leiden tot de totstandkoming van een te ondertekenen overeenkomst wordt geen budget (voorheen krediet) meer bij de raad aangevraagd. Het verhalen van deze door de gemeente gemaakte en voorgeschoten kosten is verzekerd en afdwingbaar door het kostenverhaal. Of door een anterieure overeenkomst, of door een posterieure overeenkomst.

Relevante onderwerpen

  • Risico’s en verliezen   
  1. op basis van de wetgeving zijn niet alle te maken kosten via de plankostenscan verhaalbaar;
  2. er worden kosten gemaakt welke bij het opstellen van de plankostenscan niet voorzien waren;
  3. uiteindelijk wordt er geen overeenkomst gesloten en/of gaat het project niet door.

Daar waar de niet verhaalbare kosten en/of verliezen zeker zijn, worden deze direct ten laste van de algemene middelen van de gemeente gebracht.
Naast de facilitaire projecten, waarbij gewerkt wordt aan het opstellen en uiteindelijk ondertekenen van een overeenkomst kan er sprake zijn van faciliterende projecten in de initiatief- of onderzoeksfase. Hierbij worden verkennende gesprekken gevoerd en mogelijkheden onderzocht.

Warme gronden
Definitie: door de gemeente met het oog op gebiedsontwikkeling verworven gronden,  waarvoor nog geen operationele grondexploitatie door de Raad is vastgesteld.

Op basis van de wijziging van het BBV in 2016 worden deze warme gronden verantwoord onder materiële vaste activa en wel tegen de verwervingskosten. Het toerekenen (activeren) van andere kosten is niet toegestaan.

Ingeval van duurzame waardevermindering vindt afwaardering plaats naar de waarde volgens de geldende bestemming. Voor gronden die zijn verworven en waarvoor nog geen bestemmingswijziging is doorgevoerd, kan dit betekenen dat er (tijdelijk) een forse afwaardering moet plaatsvinden. Deze kan grotendeels nog worden teruggedraaid zodra tot bestemming van bouwgrond wordt besloten. Dit leidt met name bij de gebiedsontwikkeling tot ongewenste effecten, zoals grote fluctuaties in de waardering van deze gronden, en als gevolg daarvan het resultaat en de financiële positie van de gemeente.

Strategische aankoop Herenstraat 124 en 126 te Voorhout
Teylingen wil in Voorhout een aantrekkelijk winkelcentrum hebben en dit onder andere bereiken door leegstand van panden tegen te gaan en de uitstraling van het gebied te verbeteren. De panden aan de Herenstraat 124 en 126 staan al geruime tijd leeg en er is geen ontwikkelaar gevonden die de panden wil kopen en herontwikkelen. Om hier verandering in te brengen heeft het college besloten tot aankoop van de panden over te gaan zodat een impuls gegeven kan worden aan het (versneld) ) toekomstbestendig maken van het centrum. Op 13 maart 2025 heeft de gemeenteraad positief besloten op de aankoop van de twee panden voor een bedrag van € 1,4 miljoen en het beschikbaar stellen van een voorbereidingskrediet van
€ 100.000. In de zomer van 2025 is een projectleider aangesteld om ontwikkelmogelijkheden in kaart te brengen.

Materiële Vaste Activa (MVA)
Definitie: over grond als materiële vaste activa, wordt gesteld dat deze grond een vaste bestemming heeft en niet in een transformatieproces zit. Dit geldt ook voor gronden die anticiperend en strategisch zijn aangekocht, maar waarbij geen sprake is van gebiedsontwikkeling. Bij grond als materiële vaste activa gaat het veelal om ondergrond van gebouwen, wegen, parken, pleinen of van land-/bosbouwgronden.

In deze paragraaf Grondbeleid wordt verder niet ingegaan op grond als materiële vaste activa.

Reserves en voorzieningen
Definitie reserves: deze worden aangehouden als buffer voor risico’s, om lasten te egaliseren en om te sparen voor toekomstige uitgaven.
Definitie voorziening: er is een bedrag apart gezet voor een toekomstige uitgave die onvermijdelijk is, maar waarvan tijdstip en omvang niet exact bekend zijn.

Het meest essentiële verschil tussen een reserve en een voorziening is dat bij een reserve de Raad de bestemming ervan kan wijzigen. Er is sprake van vrije besteedbaarheid. Bij een voorziening kan dat niet, er is sprake van verplichte bestedingsrichting.         

Reserve grondexploitatie
De stand van de reserve bedraagt per 31 december 2024 afgerond € 13.000,-. De komende jaren vinden hierop geen geplande mutaties plaats.

Deze pagina is gebouwd op 12/23/2025 11:32:17 met de export van 12/23/2025 11:21:38